Kastelen

Werkstukken en spreekbeurten

Bij een kasteel denk je aan dappere ridders, grote torens, een gracht en een ophaalbrug. Waarom werden er vroeger kastelen gebouwd, denk je?

De eerste kastelen

De eerste kastelen waren eenvoudig. Het was een toren op een motte, een heuvel. Daardoor kon de omgeving goed in de gaten worden houden. Op een lager gedeelte stonden het huis en de stallen. Om alles heen stond een groot houten hek. Soms was er een gracht. De eerste kastelen waren van hout en hadden een ronde vorm. Later werden de kastelen van steen en in een vierkant gebouwd.

Verdediging

De eerste kastelen waren eigenlijk versterkte huizen. Tussen 800 en 1000 na Christus trokken de Noormannen plunderend langs de kusten van Europa. Rijke mensen bouwden daarom dikke muren om hun huis. Zo konden de Noormannen minder makkelijk binnenkomen. De huizen werden kastelen en dienden als verdediging tegen de vijand. Een kasteel had een woonhuis, feestzaal en een legerbasis. Grote kastelen hadden torens, een binnenplaats, een ophaalbrug en een gracht om het kasteel. Een donjon is een verdedigingstoren. Deze toren stond in het midden van het kasteel. Hier woonde de familie van de edelman, wanneer er geen oorlog was. De Ridderzaal was de belangrijkste ruimte in het kasteel. In deze zaal werden gasten ontvangen. Er werd ook gegeten, gefeest en geslapen.